Snowboarders zijn vaak geneigd de bindingen met de vetste kleur te kiezen. Dat dat helemaal niet de bedoeling is, is natuurlijk logisch. Er is meer verschil tussen bindingen dan je zou verwachten. We liepen even bij een paar winkels binnen om de nodige informatie los te peuteren. Via Giel Traxel achter de toonbank van DownTown en Uncle[s]-vertegenwoordiger Fred Deurloo hebben we een vrij compleet plaatje kunnen schetsen van waar we op moeten letten bij de aanschaf bindingen. Fijn, want we begonnen al een beetje bindingsangst te krijgen…

Hoe weet ik dat een binding goed zit? Moet ik een binding op maat maken?

GIEL: ‘Bindingen hebben (net als je schoenen) verschillende maten, kies dus eerst de juiste maat bij je schoenen. Vervolgens kunnen er verschillende dingen worden afgesteld. Het belangrijkst is je gas pedal, het stukje waar je tenen kracht zetten op de binding en je straps. Zorg verder dat de straps mooi in het midden over je schoenen zitten, zo wordt de druk van de strap het beste verdeeld.’

FRED: ‘Elke binding hoor je af te stellen op de boots, alleen al voor je eigen comfort en boardgevoel. Kijk of de bindingbodem (base) mooi in lijn en lengte is met je schoenzool. Een te korte baseplate betekent gegarandeerd koude voeten! Stel de beide straps zo af dat ze mooi midden op je schoen zitten. Veel mensen komen langs voor ‘weer’ nieuwe softboots en na verder onderzoek blijkt dat ze beter af zijn met een paar goede bindingen. De boots blijken dan gewoon prima in orde te zijn.’

Is de flex van een binding belangrijk? Zo ja, hoe zit dat dan?

GIEL: ‘Net zoals bij je snowboard het geval is, is ook de flex van je binding belangrijk en het heeft gevolgen voor hoe je snowboardset-up reageert. Heel kort door de bocht: hoe stijver je materiaal, hoe directer de overbrenging, dus hoe directer je snowboard reageert. Dit gaat ook op voor de binding.’

FRED: ‘Hoe meer fl ex je binding heeft, hoe meer vergevend deze is, met als nadeel dat je meer ‘energie’ kwijtraakt. Een stijvere binding luistert directer en geeft dus meer controle, is beter voor gevorderden en is minder prettig voor beginners. Sommige freestylers willen ook meer flex, terwijl je in het freeriden meer vraag hebt naar een stijve high back voor meer grip op de kant en tijdens bochtenwerk.’

Wat doet de high back? En moet ik daar op letten?

GIEL: ‘De high back geeft je controle over je heelside bochten, de vorm en stijfheid hebben invloed op je rijgedrag. Een asymmetrische high back kan zorgen voor extra goede overbrenging. Op iedere high back zit eensysteem om de Vorlage in te stellen, experimenteer hier eens mee en je ontdekt dat ook dit invloed heeft op je rijstijl.’

FRED: ‘De high back is de hoge schacht en achterkant van je binding. Het zorgt bij backside bochten dat je druk krijgt op je achterste staalkant, wel zo handig. Hoe hoger deze is, hoe beter de druk vaak is (en hoe meer je je kuit voelt). Achterop zit een versteloptie die de high back meer naar voren zal duwen en de snowboarder zal hierdoor eerder grip krijgen.

Is er een belangrijk verband tussen mijn boots en de bindingen?

GIEL: ‘Je bindingen completeren je set-up en houden dus verband met je boots en bindingen. Heb jij een lekker speels freestyleboard, dan zet je daar geen superstijve carbon bindingen op. Andersom zet je geen beginners bindingen op een raceboard, die zijn niet stijf genoeg om de kracht van het board te benutten. Je binding dient te matchen met het type snowboard dat je rijdt. Je zet tenslotte ook geen racestuur in een Fiat Panda.’

FRED: ‘Al koop je de mooiste en duurste unit, is de afstelling niet oké, dan rijdt het voor geen meter. Als je boots en bindingen koopt, zorg dan dat het net als Lego goed in elkaar past. Hoe beter het past, hoe meer contact. En dus geen geschuif in je binding, want daarmee verlies je weer energie. Simpel gezegd: in een stoel van een sportwagen zit je steviger dan in die van een kleine Fiat, omdat je tenslotte ook sneller door de bocht zal gaan.’

Wat móet ik echt weten als ik een paar bindingen aanschaf?

GIEL: ‘Echt slechte bindingen worden door de bekende merken niet meer gemaakt, maar zorg wel dat je een binding koopt die past bij je niveau en rijstijl. Ben je een beginnende snowboarder? Laat je dan geen binding van vierhonderd euro aanpraten. Deze zijn voor jou als beginner niet geschikt, want ze zijn veel te stijf en je hebt vast nog andere snowboardspullen nodig!’

FRED: Wat je moeten weten is of ze lekker zijn voor jouw rijstijl! En dat weet je pas achteraf, dus geven wij in onze shop glashard omruilgarantie na je vakantie. Geen kat in de zak, geen geleur op Marktplaats, gewoon omruilen. Verder moet je weten welke bindingmaat je nodig hebt en of je een freestyle- of freeridetype bent. Neem daarom altijd je boots mee naar een shop. Een te kleine binding betekent zere en koude voeten, een te grote binding is geen grip op de zaak!’


Oud of nieuw, je bindingen moet je af en toe even nalopen. Staan alle instellingen nog zoals jij ze het liefste wil? Het is goed om daar eens mee te experimenteren, want als je ze nooit verstelt, weet je ook niet of ze voor jou op de beste manier op het board staan. Toch?

Je bindingen vastschroeven kan op honderd verschillende manieren. Je kan ze bijvoorbeeld wat verder naar achteren op je board zetten als je de poeder in wil duiken (set back noemen we dat), je kan ze verder uit elkaar zetten, dichterbij (puur voor de stijl) en ook nog eens onafhankelijk van elkaar naar binnen of buiten draaien. Natuurlijk gaat het om dat wat je fi jn vindt, maar het helpt je ook om je techniek te verbeteren. Het is wellicht even wennen, maar als je weet wanneer je de stance van je bindingen net even moet aanpassen, rij je die carvebochten, kicker en steile hellingen opeens een stuk gemakkelijker. De stance van je bindingen is dus afhankelijk van je persoonlijke voorkeur en stijl, maar ook je lengte en het soort snowboard zijn een belangrijke factor. Je kan je stance van je bindingen op drie manieren beïnvloeden. Het aantal graden van de binding, de afstand tussen de bindingen en de manier waarop je de bindingen plaatst op het snowboard.

Aantal graden

De ‘gradenstand’ van de binding is per discipline verschillend. Je kunt deze vinden op de baseplate van de binding, het schijfje waar de schroeven in zitten. Het cijfer 0 impliceert dat je voet haaks op de lengte richting van je board staat, is je voet iets met de neus naar voren gericht, dan staat deze op bijvoorbeeld op +15 graden, is je neus iets naar achteren gericht dan wordt dit aangegeven met bijvoorbeeld -10 graden. Het aantal graden kan sterk variëren, maar tussen de +21 en -12 is het meest voor de hand liggend, waarbij het eerste getal altijd refereert aan je voorste voet. In de verhuur stellen ze de bindingen meestal in op +21 / +0 of +21 / +9. Als je daarmee leert snowboarden dan heeft dat al snel je voorkeur.

In het Nederlands team snowboarden de meesten met een duckstance, +15 / -15, zodat de snowboarder zowel links voor als rechts voor kan aanrijden en landen. Je kan zo dan ook makkelijk switch rijden. Dit is in het freestylesnowboarden belangrijk, omdat de rijder alle kanten op moeten kunnen springen, zowel backside als frontside. Op het moment zie je ook freestylesnowboarders die de bindingen +0 / -0 hebben staan. Comfortabel? Nee, niet direct, maar het beïnvloedt wel je rijstijl. En dát is momenteel vooral in het railwereldje heel hip. Bij de boardercross- of slalomsnowboarders zal dit heel anders zijn. Hier zal je zien dat de achterste binding vaak een beetje naar binnen gedraaid is, omdat ze nooit met hun verkeerde voet voor zullen snowboarden. Ze zetten de bindingen dan bijvoorbeeld op +27 / +21. Zo kunnen ze een betere, snellere en dus efficiëntere houding aannemen.

Afstand

De afstand tussen de bindingen heeft meer met je lichaamslengte en de lengte van je board te maken. Als je door je knieën gaat, dan moet de knie boven de binding blijven. Dat is het meest ergonomisch verantwoord en leert je uiteindelijk ook werken met verschillende technieken. Uiteraard heeft ook dit weer een beetje met persoonlijke voorkeur en stijl te maken. Met een brede stance kun je harde, moeilijke landingen makkelijker absorberen. Soms land je namelijk zo diep dat je met je neus je knieën zou kunnen raken. Met een smalle stance kun je sneller spinnen en rondjes draaien (niet makkelijker!), de beweging is namelijk korter. Dit zie je veelal bij railsnowboarders.

Sinds 2016 zie je dat de bindingen weer dichter bij elkaar gezet worden, maar een paar jaar geleden stonden de bindingen nog zo ver mogelijk uit elkaar en daarvoor zag je juist weer vaak een smallere stance. Probeer het verschil gewoon maar eens uit! Je zal zien dat de bochtinzet, kantenwissel en het uitsturen van een bocht opeens een heel ander gevoel overbrengt.

Plaatsing en afstand

De plaatsing en afstand van de bindingen is wat meer op de soort discipline gericht. Freestyle snowboarders zullen het liefst de nose net zo lang hebben als de tail, omdat ze beide kanten op willen snowboarden en zowel de nose als tail als ‘voorkant’ willen gebruiken. Boardercrossers en alpinesnowboarders hebben vaak een langere nose dan tail, net als een freerider. Zo kunnen ze meer en sneller druk uitoefenen op de kantenwissel of beter blijven drijven in de verse sneeuw. Deze plaatsing heeft ook te maken met wat voor soort board je rijdt en of het een allmountainboard is of juist een freestyleplank. Bij beide planken zullen de inserts namelijk op verschillende afstanden op het board geplaatst zijn. Je vindt die afmetingen meestal op de factsheet van het board. Gewapend met een meetlintje en schroevendraaierkun je dus heel wat variëren en uitproberen. Prima bezigheid tijdens een dagje slecht weer!


Dit artikel is afkomstig uit Snowboard magazine Taste Jaargang 18 nummer 2, Deze kun je nabestellen in de webshop. Maar natuurlijk kun je het best abonnee worden, zodat je niks meer hoeft te missen. Digitale uitgaven zijn ook altijd verkrijgbaar in onze Soul Kiosk App.